Vandamme
Wat in een naam zit kan een teken zijn.
De verre vader die hem koos met liefde
en er zijn naverwanten mee geriefde
wist: het kan duidelijker dan spreken zijn!
De eerste man die zich Vandamme heet
kijkt van het land af naar de waterkering
die overdwars in zee staat ter bewering
van haar geweld dat aan de duinen vreet.
Of loopt hij peinzend op het smal stuk grond
naar zijn door sloten goed omsingeld weiland
een van de buurtschap afgezonderd eiland
van hevig groen, - de naam groeit in zijn mond?
Of keert hij ’s avonds van de lange dag
huiswaarts terug achter een stoet van dieren
en ziet de ingang tussen de dichte vlieren
van hof en hoeve voor de najaarsnacht?
Of rust zijn oogopslag soms op een plek
terwijl de morgenzon begint te schijnen,
het middenmuurstuk tussen twee kozijnen, -
waarbij hij plotseling zijn naam ontdekt?
Of is des winters in een stilstaand uur
zijn aandacht tussen slaap en wake blijven
vertoeven bij de gladde zwarte schijven
van het oude damspel bij het open vuur?
Of zou hij destijds uitgeweken zijn
een naamloos banneling in barse tijden
weg van de kleine haven op de Reye?
Wat in een naam zit kan een teken zijn!
Anton van Wilderode